Posts tonen met het label Boekenweek. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Boekenweek. Alle posts tonen

vrijdag 10 februari 2017

Bedreigde boeken

Zomer 2016
'Zeg, zullen we die boeken die jij nog niet gelezen hebt maar wegdoen voordat we verhuizen? Onnodig ze daar in een kast te zetten als je ze toch niet leest.' 
Hij wist fijntjes een gevoelige snaar te raken. Boeken. Daar valt niet mee te spotten. We hadden ter voorbereiding op onze verhuizing alle gelezen boeken alvast ingepakt en wat boekenkasten afgebroken. Restten mijn ongelezen boeken, die nu confronterend op anderhalve boekenplank prijkten, blonken, naar me knipoogden. Lees ons, zeiden ze. Red ons!
Natuurlijk gooit hij mijn boeken niet weg, maar het signaal was duidelijk. Spullen die je niet gebruikt, staan in de weg. Voornemens om de spullen wél te gaan gebruiken, zijn enkel balast. Tijd voor een plan. 

Ik constateerde dat ik nogal wat halfgelezen boeken heb. In de drukte van een jong gezin lukt het me vaker niet dan wel om een boek uit te lezen. Daarnaast staan er ongelezen lievelingsboeken 'voor als ik eens lekker veel tijd heb'. Dikke biografieën dus, waarvan ik alleen maar droom ze te lezen. De laatste categorie zijn de romans die ik zelf in een opwelling gekocht heb en de gekregen boeken. Nu krijg ik graag boeken, daar niet van. Maar waar ik voorheen alles vrat wat ik cadeau en opgedragen kreeg, wurm ik me nu niet zo gemakkelijk meer door elk willekeurig boek. Zo kan ik me bijna niet meer voorstellen dat ik voor een letterkundecursus met plezier vijftien boeken van Hella Haasse las. Enfin. Ik besloot met de quick wins te beginnen: de halfgelezen en dunne boeken. 

De zevende functie van taal - Laurent Binet   
In 2011 stak ik HhhH van Laurent Binet in mijn rugzak op reis naar Canada en las het in één ruk uit. Geen easy reading, maar een prachtig boek dat erom vraagt elke zin met aandacht te lezen. Weergaloos. Nog enthousiast van HhhH kocht ik De zevende functie van taal. Maar dat een schrijver meerdere gezichten kan hebben, laat Laurent Binet zien.
De zevende functie van taal speelt zich af in Parijs, 1980. De beroemde filosoof Barthes wordt overreden en commissaris Bayard moet op onderzoek uit. Hij duikt in de wereld van denkers en academici. Al op pagina 1 vliegen de filosofen me om de oren en nog voor pagina 48 ben ik gelost. Een paar denkers ken ik best hoor, maar geen vijftig, inclusief hun teksten en karakteristieken waardoor ik de verwijzingen en grapjes van Binet snap. Op pagina 70 besluit ik dat het genoeg is geweest. Binet heeft een razend knap boek geschreven waarmee hij bewijst dat hij zijn klassiekers van haver tot gort kent. Het lijkt me vooral een steekspel dat hij wil winnen binnen een specifieke groep intellectuelen. Jaloersmakend als je dit werk fluitend en met plezier leest, maar hee, er is nog zo veel moois dat op ons wacht.

Broer - Esther Gerritsen  
In 2016 verscheen - ter gelegenheid van de boekenweek - Broer van Esther Gerritsen. Boekenweekgeschenken lees ik altijd. Niet omdat ze gratis zijn, maar omdat ik hou van korte verhalen. Eerder betoogde ik al op dit blog dat het uiterst moeilijk is om een goed kort verhaal te schrijven. Het moet een rond verhaal zijn, de karakters moeten enige diepte krijgen, maar plaats om daar diep op in te gaan, is er niet.
Broer is een heel geslaagd kort verhaal. Een openingsscène waarin het verhaal meteen wordt neergezet: de broer van de verteller die belt dat zijn been moet worden afgezet. Vervolgens krijgen de karakters en hun onderlinge relaties vorm en neemt het verhaal een wending waardoor je wilt weten hoe het zal aflopen. De afloop wordt natuurlijk niet helemaal uitgekauwd, want het maximum aantal pagina's is bereikt.
De kracht van de beperking heeft hier uitstekend werk gedaan. Bovendien heb ik prettig kennisgemaakt met het werk van een schrijfster van wie ik nog niet eerder wat las.

Een mooie jonge vrouw - Tommy Wieringa
Een succesvol wetenschapper die moeite heeft met ouder worden, vindt zijn liefde in een vijftien jaar jongere vrouw. Hoewel ze tegengestelde ideeën hebben, trouwen ze en raakt zij zwanger. Terwijl zij opgaat in de blijde verwachting, gaat hij een affaire aan met een nog jongere vrouw.
Niet alle boekenweekgeschenken vind ik de moeite van het uitlezen waard. De frustratie van de man die hij projecteert op vrouwen, staat me op de helft van het boek al tegen. Het lijkt een terugkerend thema waar ik wel even genoeg van gelezen heb. Het boekenweekgeschenk van 2014 laat ik dus voor wat het is.

De zomer hou je ook niet tegen - Dimitri Verhulst
In dit boekenweekgeschenk van 2015 neemt een man een zwaargehandicapte jongen mee naar een berg in Frankrijk, om hem daar - aan de vooravond van zijn zestiende verjaardag - te vertellen over zijn moeder die er niet meer is. Het boek is een monoloog van een man die zijn grote liefde vond en verloor omdat hij geen kinderen wilde en zij wel. Zij kreeg uiteindelijk een gehandicapte zoon van een andere man en ze stierf een paar jaar later. De verteller zal als een vader voor de jongen zorgen. Hij heeft spijt. Hij had die vader kunnen zijn en zij zou dan nog geleefd hebben.
De zomer hou je ook niet tegen is prachtig en droevig, en binnen de context van een kort verhaal mooi rond en uitgediept.

Zomerhitte - Jan Wolkers
Van Jan Wolkers heb ik vooral zijn vroege werk gelezen, vroeger, toen mijn interesse voor literatuur ontstond. Zomerhitte daarentegen is een beduidend laat werk, dat ter gelegenheid van de boekenweek 2005 verscheen. Ik stak het bij me onderweg naar Italië.
Zomerhitte is in alle opzichten een echte Wolkers. De natuur, liefde en begeerte, spanning en dood. En hoewel het misschien niet zijn sterkste verhaal is, waande ik me op Texel, in een zinderende zomer op het strand, zand tussen mijn tenen en de bedreiging nabij - niemand die me mocht storen want ik las. Ik dacht aan de oude Wolkers met zijn pretogen, los van alle conventies en blij met de wonderen der natuur. Het is maar goed dat ik soms een duwtje krijg om mijn kast leeg te lezen.  

vrijdag 5 oktober 2012

Het Akropolis Genootschap en de slag om bladzijde 37. Tosca Menten

'Jullie moeten het niet doen. Die club is gevaarlijk. Die brengt ongeluk, kijk maar naar je moeder. En die mensen in dat boekje ook. Die zijn allemaal expres duur verkleed, als vermomming. Het is een boevenclub.'
'Hoe kom je daar nu bij?' vroeg Luuk verbaasd.
'Omdat niemand er normaal zo uitziet. Die doen net alsof ze heel goed zijn, met die gekke regels, maar ze doen stiekem geheime dingen. En die hond in de bosjes hoort daarbij...' (p. 24)

Luuk Nootje en zijn ouders kunnen een kwart miljoen erven van een verre oom. Daarvoor moeten ze wel wat doen: zonder toelating tot het rare Akropolis Genootschap kunnen ze fluiten naar hun centen. Om een plek te krijgen op pagina 37 van het befaamde Rode Boekje, krijgen ze de opdracht om hun huis geel te schilderen, Vader Jacob kattrù mè op een pijporgel te spelen en een afgerichte krokodil te nemen als huisdier. Teun ziet het helemaal niet zitten omdat hij bang is zijn vriendje Luuk kwijt te raken en dan er is nog die vreemde mevrouw met een poedel... 

Het Akropolis Genootschap en de slag om bladzijde 37 van Tosca Menten is dit jaar het geschenk van de kinderboekenweek. Het verhaal zit leuk in elkaar en leest als een trein. Voor mij. Voortdurend vroeg ik me tijdens het lezen af voor welke doelgroep het boekje is geschreven. Luuk en Teun lijken vrij jong te zijn, in de basisschoolleeftijd, terwijl ik het taalgebruik, de lengte van de zinnen en complexiteit van het verhaal geschikt vind voor jongeren vanaf een jaar of dertien, veertien. Misschien heb ik het mis. En dat betekent dat ik weer 's wat jeugdliteratuur op mijn leesplank moet zetten. Daar heb ik na het lezen van dit boekje in elk geval veel zin in. 

maandag 24 september 2012

De pianoman. Bernlef


'De eerste drie jaar van zijn leven sprak Thomas Boender geen woord. Zijn vader Jelle en zijn moeder Tsjitske zeiden alleen het hoognodige tegen elkaar. Monosyllaben die tussen hun strakke lippen op de glimmend gepolitoerde eetkamertafel ploften, daar even bleven liggen om vervolgens in de opnieuw ingetreden stilte op te gaan.' (p. 5)

Voor het boekenweekgeschenk van 2008 mocht Bernlef zijn pen aanroeren. Hij koos een actueel thema uit het nieuws en baseerde daar De pianoman op.
Thomas Boender groeit op op het platteland in het noorden van Nederland. Zijn ouders spreken nauwelijks met hem en te veel woorden worden met klappen van zijn vader bestraft. Als Thomas achttien is en vijfhonderd euro heeft gespaard, besluit hij te vertrekken. Van de wereld geen weet, komt hij via Amsterdam en Parijs in Groot-Brittannië terecht. Zijn geld is inmiddels opgemaakt door het meisje met wie hij reist. Berooid en zonder paspoort wordt hij opgepakt door de politie en in een instelling geplaatst. Thomas besluit geen woord te zeggen en alleen wat piano te spelen. Niet briljant zoals de media beweren, maar opvallend genoeg om publiciteit te krijgen. Het duurt dan nog een hele poos voordat bij zijn oude omgeving doordringt dat Thomas  de pianoman is.

De pianoman is een typisch boekenweekgeschenk. Vlot geschreven, geen diepere lagen en een rond, beknopt verhaal. Bernlef heeft zich goed van zijn taak gekweten. 

vrijdag 3 augustus 2012

Heldere hemel. Tom Lanoye

Mijn boekenkast is drie bij twee meter en goed geordend. Eerst op thema, dan op auteur. Dat geeft overzicht, zou je zeggen. Tot ik vorige week de non-fictiesectie eens sorteerde op 'gelezen' en 'ongelezen'. Dat gaf inzicht. Ik ontdekte dat ik bijna drie planken Nederlandse en buitenlandse literatuur niet gelezen had en dat een heel aantal van die boeken toch al een jaar of tien in mijn kast stond.

Wat te doen? Geen boeken meer kopen of lenen totdat ik die drie planken doorgeworsteld had? Maar misschien heb ik ook wel eens een miskoop gedaan, een te blinde greep uit moeders boekenkast of een boek cadeau gekregen dat me zelfs na tien jaar niet aanspreekt. Toch doorworstelen van De Kapellekesbaan ('het beste boek uit de wereldliteratuur', zei mijn literatuurdocent op de universiteit) of De leeuw van Vlaanderen (verplichte kost en ik weigerde) tot het einde der tijden leek me geen goed plan. Dat zou accuut mijn leeslust bederven.

Aldus besloot ik flink op te ruimen. Boeken die ik niet meer ga lezen, verkoop ik, geef ik weg of gaan terug naar moeders boekenkast. En zo bleef er een mooi rijtje boeken over dat ik de komende tijd ga lezen.
Toen ik het kaf van het koren had gescheiden, viel me op dat ik vooral dunne boeken niet gelezen heb. De dikke winnen het blijkbaar met hun lokroep op de rug. Tijd om mijn boekenweekleesproject weer nieuw leven in te blazen.

Heldere hemel van Tom Lanoye is het boekenweekgeschenk van dit jaar. Lanoye gaat uit van een historisch gegeven en benadert dat vanuit verschillende perspectieven. De Poolse piloot Andrej besluit zich na een technisch mankement met de schietstoel uit het vliegtuig te schieten en het vliegtuig te laten gaan. Tot de brandstof op is en hopelijk is dat boven een zee. De Koude Oorlog woedt nog en in het Navo-hoofdkwartier in Brussel ziet men op de radar een vliegtuig recht op zich afkomen. Intussen voltrekt zich in een klein Belgisch dorp een huwelijkscrisis.

Heldere hemel is in zijn vorm een goed geschreven verhaal. Uitdiepen van verhaallijnen lukt niet binnen 90 pagina's en Lanoye pretendeert (gelukkig) niet meer dan hij waar kan maken. Goede schrijver, toegankelijk boekenweekgeschenk. Precies wat het brede publiek ervan mag verwachten.

zondag 21 augustus 2011

Sterremeer. F. Springer

"Maar nu het allerbelangrijkste,' zei hij en haalde een krantenknipsel uit zijn binnenzak. Behoedzaam streek hij het glad op het tafelblad.
'In onze Dichtershoek vandaag een inzending van Felix Sterremeer (negentien jaar) uit de Residentie,' las ik. 'Wij hebben lang niet zulk origineel werk kunnen publiceren. De redactie is ervan overtuigd dat Felix S. nog veel van zich zal laten horen. Proficiat!'
Aan lezing van de drie gedichten kwam ik niet toe. Hij legde een hand op het papier.
'Niet hier!' Deze prozaïsche omgeving was ongeschikt voor verzen. Die schreef je en las je bij kaarslicht, een blote muze op schoot en ook een glas wijn onder handbereik." (p. 13-14)

Toen ik jaren geleden voor mijn scriptie-onderzoek ruim 60 raadsleden door het hele land bezocht, zocht ik naar een geschikt genre letters om tijdens de treinreizen en observaties te lezen. Ik koos voor boekenweekgeschenken: korte verhalen zonder ingewikkelde gelaagdheid waarbij ik prima afgeleid kon worden. In weinig tijd maakte ik kennis met uiteenlopende schrijvers, slechte verhalen en juweeltjes. Het fierst was ik op Oeroeg van Hella Haasse dat ik in eerste druk in de boekenkast van mijn moeder vond.

Voor een lange vlucht naar Vancouver deze zomer dook ik in het ongelezen deel van mijn boekenweekgeschenkverzameling. Sterremeer van F. Springer uit 1990 ging mee het vliegtuig in.

Op de achterflap van het boek prijkt de olijke kop van de schrijver, waarvan ik nooit eerder iets las. 'Moet die man niet wat serieuzer kijken?' dacht ik. Na drie bladzijdes concludeerde ik dat Springers hoofd uitdrukt wat hij schrijft. In een vol vliegtuig zat ik hardop te lachen bij de scène waarin aanstaand mislukt dichter Felix Sterremeer tijdens een literaire avond voor schut wordt gezet. Na een pagina of veertig slaat de sfeer om van dolkomisch naar tragisch.

Springer neemt een risico door lagen aan te brengen in het verhaal. Een kort verhaal moet niet té ambitieus zijn met gelaagdheid. De parallellen zijn opzichtig en vliegen soms kort door de bocht. Toch is Sterremeer een heel lezenswaardig boekenweekgeschenk met een mooi, afgerond einde.
Boekenweekgeschenken en reizen van een paar uur. Ik vind het een uitstekende combinatie.