maandag 17 mei 2010

Een schitterend gebrek. Arthur Japin


'De rede biedt ons vele mogelijkheden tegelijk. De intuïtie kiest daaruit feilloos de beste. Wanneer je dit onthoudt kun je je niet meer vergissen en zul je altijd de juiste keuze maken.'
'Altijd?'
'Altijd!'
'Ook in hartszaken?'
'Daarin juist! Doe toch niet zo onnozel. Ach, het is zo simpel en toch kunnen mensen een heel leven leven zonder het te zien.'
(p. 145-146)

Elk woord dat ik besteed aan Een schitterend gebrek, doet slechts afbreuk aan de pracht ervan. Superlatieven volstaan niet, evenmin als een poging tot het weergeven van de essentie van de roman. Dat ik de wereld om me heen vergeet en nu zonder woorden ben, gebeurt me zelden. Laat dit de standaard zijn voor Nederlandse literatuur van de 21e eeuw.

dinsdag 11 mei 2010

Ode aan de bieb


Mijn grootouders kozen op hun bejaarde leeftijd de ideale locatie uit om nog ouder te worden. Niet het bejaardenhuis, welnee. Ze voelden zich stads en hip, dus het werd in 1999 de hoogste toren van Eindhoven, midden in de binnenstad.

Opa vond het heerlijk dat de bibliotheek in de Witte Dame zijn buurman was. Op dinsdag stiefelde hij erheen, nam de tijd en keerde met een stapeltje literatuur weer terug. Niet tot onverdeeld genoegen van oma, die bij tijd en wijle mopperde: "Je zit maar in je boek te kijken!"

Van opa heb ik mijn liefde voor literatuur. We hadden het over Reve, Wolkers en Mulisch. Ook orf ik zijn falend beeldend geheugen. Halverwege De ontdekking van de hemel vroeg ik hem waar het over ging. "Och, 'k weet het niet precies na te vertellen, maar het is heel mooi," repliceerde hij.

Terwijl opa lid van de bieb van Onze Lieve Heer werd, ontdekte ik bij toeval zijn bieb. En dat was een goed treffen. De tijd dat het er muf ruikt, te donker is en je onverhoopt een oude boterham met pindakaas in je geleende boek vindt, is voorbij. De bieb in de Witte Dame is fris als Eindhoven zelf. En sinds kort hebben ze weer een Hermens in het ledenbestand.

vrijdag 16 april 2010

Belangrijke voorwerpen en... Leanne Shapton


Belangrijke voorwerpen en persoonlijke bezittingen uit de collectie van Lenore Doolan en Harold Morris, inclusief boeken, kleding en sieraden. Zaterdag 14 februari 2009, New York. Veilinghuis Strachan & Quinn. Leanne Shapton.

"Lot 1051. Een antieke taartschep. Een antieke, verzilverde taartschep met daarin gegraveerd de woorden 'Bravo Buttertart'. 22,9 cm lang. $50-60." (p. 22)

Een traditionele veilinggids beeldt alle stukken af die op de veiling worden aangeboden met omschrijving en indicatie van de waarde van het schilderij, meubel of wat dan ook. Zo kunnen geïnteresseerden zich oriënteren op de veilingstukken. Belangrijke voorwerpen en... is zo'n gids. Dacht je. Het is een waanzinnige roman die aan de hand van foto's, briefjes, boeken en verzamelde prullaria de liefdegeschiedenis van Lenore Doolan en Harold Morris vertelt.

Doolan en Morris ontmoeten elkaar op een Halloweenfeest in 2002. De liefde bloeit onstuimig tussen de taartenrecensente van de New York Times en de fotograferende globetrotter. Hoge pieken en diepe dalen. Maar let op, wat is er met de ex van Morris? Wie is 'H.' die blijft slapen bij Doolan?

Belangrijke voorwerpen en... is een liefdesepos naar mijn hart. Zonder schroom mag ik snuffelen in de spullen van dit liefdeskoppel en me deelgenoot weten van hun geheimen. Liefde in de uitverkoop. Of: Liefde (in de ui)t(v)e(r)koop. Eenmaal, andermaal, ik ben verkocht.

woensdag 14 april 2010

The Umbrella Man. Roald Dahl


"Just then, a man came up to us. He was a small man and he was pretty old, probably seventy or more. He raised his hat politely and said to my mother, 'Excuse me. I do hope you will excuse me...'"

Roald Dahl is een held uit mijn kindertijd. Wegdromen bij de GVR, Matilda en De griezels. Pas enkele jaren geleden ontdekte ik dat Dahl ook voor volwassenen schreef. Mijn Britse taaldocent op Malta adviseerde me de korte verhalen te lezen. Prachtig taalgebruik en geschikt om de nuances van native speakers te leren. De 'Completely Unexpected Tales' gingen mee naar huis.

Bij Dahl weet je dat je moet opletten. De meester van het korte verhaal lokt je met een lieflijke omgeving nietsontziend in de val. En ik trap daar steevast in. Een aardige dame die een heks blijkt, een kantoorklerk die gruwelijke moorden pleegt of The Umbrella Man, - a real gentleman - die je zijn dure paraplu voor een pond verkoopt.

Heb je nog wel zin Dahl te lezen als hij je alsmaar op het verkeerde spoor zet? Jazeker. Als een echte Brit doet hij dat in stijl. Zijn warme knipoog aan het eind van het verhaal, doet me Dahl alles vergeven.

zondag 4 april 2010

Boven is het stil. Gerbrand Bakker


'Het is halfelf in de ochtend. Het regent uit een laaghangend wolkendek. Zoals gewoonlijk zaten de weermannen er gisteren naast. De lamp in de keuken brandt. De kromme es glimt, de bonte kraai zit ineengedoken op zijn tak. Zo nu en dan schudt hij zijn veren op zonder zijn vleugels uit te slaan.' (p. 114)

Helmer heeft zijn vader naar boven gedaan. De man is oud en zit hem al jaren in de weg. Op een vochtig kamertje, met uitzicht op de bonte kraai, kan hij zijn laatste maanden slijten. Beneden richt Helmer, dan 55, voor het eerst zijn eigen leven in.
Na de vroege dood van zijn tweelingbroer Henk, heeft Helmer het melkveebedrijf van zijn vader overgenomen. Helmer realiseert zich nu dat hij die keuze niet zelf heeft gemaakt, nee eigenlijk nooit zelf wat gekozen heeft. Behalve zijn twee ezels.


Boven is het stil van Gerbrand Bakker is een ronde, prachtig gelaagde vertelling. Het beschrijft de worsteling van een traditioneel opgevoede man van middelbare leeftijd die met verlies, verdriet, zijn identiteit en moderniteiten leert omgaan. 

Typisch Nederlands, dat is Boven is het stil. En of ik daar nu zo dol op ben? Ik weet het niet. De traagheid, de somberheid, de leegte van het Noord-Hollands winterlandschap is benauwend. Of had ik het beter bij 30 graden in een malse weide kunnen lezen? Ja, dat is mijn advies. Wacht op de Nederlandse zomerzon en lees deze mooie literatuur.

zondag 21 maart 2010

Wees niet bang. Het levensverhaal van bisschop Tiny Muskens. Arjan Broers


"... de verbondenheid met de geschiedenis, de traditie en de levenservaringen van de vroegere generaties verdwijnt. De grote vrijheid die wij hebben kan zo gemakkelijk richtingloos worden. Dan waaieren we alle kanten op, slechts gestuurd door ons eigen verlangen naar plezier en vermaak, zonder ons ergens op toe te leggen en de diepte in te gaan." (p. 357)

Wees niet bang, door oud-bisschop Tiny Muskens luchtig verteld aan Arjan Broers, is een dierbare biografie in mijn boekenkast. Een biografisch werk heeft al snel het kenmerk dat het over een markant figuur met een bijzonder levensverhaal gaat. Zo ook bij Muskens. Duidelijk behorend bij een groep, volgde hij zijn eigen koers. Dat inspireert.

Muskens vertelt over zijn leven dat begon in een eenvoudig boerengezin onder de rook van 's-Hertogenbosch. Na scholing en priesterwijding in het katholieke Brabant, zwierf hij de hele wereld over om vervolgens via Rome terug te keren naar zijn wortels in Brabant. Intrigerend is dat Muskens voortdurend wil weten welke ontwikkelingen zich in de samenleving afspelen en daar vanuit zijn roeping mee handelt. De tegendraadse voorbeelden zijn bekend: Muskens predikte al vroeg voor het gebruik van condooms tegen aids en het stelen van een brood door de allerarmsten.



Muskens' handelswijze komt voort uit groot vertrouwen en niet uit angst. "Als je oefent om vertrouwen te hebben in je eigen kracht en in de goedheid van veel mensen - en af en toe in je beschermengel - dan leef je gemakkelijker en ben je tot meer in staat" (p. 381). Ofwel: Wees niet bang.

donderdag 25 februari 2010

De ontsluierde stad. Lodewijk Asscher


Een jonge wethouder die een boek schrijft. Dat prikkelt de zinnen, want: kunnen wethouders schrijven? Heeft een Amsterdamse wethouder met een grote portefeuille daar wel tijd voor? Wel, ja en blijkbaar. Dat is prijzenswaardig.

Lodewijk Asscher beschrijft in De ontsluierde stad zijn afgelopen jaren als wethouder. Thematisch schetst hij zijn visie en beleid op het terrein van jeugd, onderwijs, georganiseerde criminaliteit en economie. Da's mooi. Maar voor wie? Voor een lezer met kennis van zaken gaan de hoofdstukken regelmatig kort door de bocht. Zijn gezinshulpplan is niet als eerste uitgevonden in Amsterdam, de Wallenaanpak is niet een verdienste van het bestuur alleen en nog lang niet af. 

Voor een geïnteresseerde buitenstaander geeft het boek een aardig beeld, een mooie inkijk in een wethoudersleven. En slim als Asscher is, richt hij zich op die doelgroep. Vertel wat je bereikt hebt en wat je wil gaan doen de komende vier jaar. Met de gemeenteraadsverkiezingen in aantocht, is zo'n boek sterk campagnemateriaal.

Het is waardevol dat een bestuurder zijn pen oefent en daarmee nadenkt over zijn handelen. Asschers boodschap is tot het laatste hoofdstuk: Handel naar je idealen, heb het over de kansen en oplossingen.   
In het laatste hoofdstuk, waarin Asscher reflecteert op de PvdA, gaat het mis. Zoals een PvdA'er betaamt, praat hij de partij de put in. "De partij heeft zich de afgelopen jaren meer laten leiden door angst dan door hoop. In plaats van oplossingen werden problemen benadrukt, bedreigingen in plaats van kansen." (p. 138) Etcetera. 
Asscher ondermijnt de kracht van zijn geloof in zijn idealen door de missers van de partij uit te kauwen. Dat is nergens voor nodig. Een jong, talentvol bestuurder heeft alle kansen te laten zien dat hij met optimisme aan een mooi Amsterdam werkt en daarmee een representant van zijn idealen en zijn partij is.

zondag 7 februari 2010

Taal is zeg maar echt mijn ding. Paulien Cornelisse


"Dus wij zitten daar, en hij gaat zo van, "Ik vind dit niet kunnen," en dit en dat, en wij echt zo van: "Doe even relax!"" (p.127)

Taaltrends en -eigenaardigheden waarnemen is een lollige hobby. Wat zeg je nu eigenlijk en bereik je je doel ermee? Constructies als: 'een stukje empathie naar de burgers toe communiceren' behoren tot mijn persoonlijke favorieten. Totaal vaag en taalkundig krom.

Paulien Cornelisse en ik delen onze hobby, met het verschil dat zij haar waarnemingen perfect uitwerkte in Taal is zeg maar echt mijn ding. In luchtige, anekdotische sfeer beschrijft ze wat haar opvalt aan het Nederlandse taalgebruik onder jongeren, politici, de high society of Nederlanders op vakantie. Daarbij schroomt ze niet hand in eigen boezem te steken. Dat is precies wat dit boek anders maakt dan de gangbare taalpuristische werken die bij verschijnen al een zure lucht afscheiden.

Cornelisse en ik zijn van hetzelfde geboortejaar. Haar beleving van de taal van toen en nu zijn erg herkenbaar. Ga je mee met de tijd of blijf je woorden als 'lekkertjes', 'bakvis' en 'gaaf' gebruiken? Ik wel. Ouderwetse woorden zijn namelijk keigaaf.

zondag 17 januari 2010

Een paraplu voor het leven. Wilhelm Genazino


'De ellende van de massa, zegt Susanne (ze zegt tot mijn verbazing echt: de ellende van de massa), is gebaseerd op het feit dat al die arme mensen hun hele leven geen belangrijke mensen leren kennen. Begrijp je?
Ik knik en drink ook wat water.

Al die Wenzels, Schrothoffs en Seidels (dat zijn de namen van haar collega's), zegt Susanne, kennen alleen maar andere Wenzels, Schrothoffs en Seidels, zo ontstaat enthousiasme voor het gemiddelde.' (p.79)


De hoofdpersoon van Een paraplu voor het leven is schoenentester. Tijdens zijn wandelingen door de stad doet hij wonderlijke observaties en raakt hij voortdurend verstrikt in zijn hersenspinsels. Hij vraagt zich af wat als eerste bij hem zal binnendringen, de gekte of de dood. Bovendien heeft hij zichzelf voor zijn eigen leven geen toestemming gegeven. Een zware last op zijn schouders bij alle simpele handelingen. Langzaam kantelt het leven van de schoenentester. Hij heeft geen zin meer nog langer een begluurder van zijn eigen leven te zijn. 


Een paraplu voor het leven van Wilhelm Genazino leest als luieren in een hangmat. Vermakelijk, met scherpe observaties op zachte toon. Een diepe indruk maakt het boek niet. Over een poos ben ik het verhaal vast vergeten. Dat heeft alleen maar voordelen: over een paar jaar pak ik het boek met een glimlach weer uit de kast voor een luie zondagmiddag in de hangmat.

zaterdag 2 januari 2010

Eva. Carry van Bruggen


"'Wat heb jij...?'
Ebner geeft antwoord.

'Ze is misschien niet gewoon... dat er zo openlijk... over die dingen gesproken wordt...'
'Zij...?!' Zó zou iemand een mes naar je toe kunnen gooien.
'Zij?! Zij moet wel de preutse spelen. Die mannengek... die flirt... die jongensgek... niet eens vertrouwd bij de jongens van de hoogste klas. Met mijn eigen man zou ik haar nog geen uur alleen willen laten...'" (p. 110)

Eva is jonge vrouw die als onderwijzeres op een lagere school werkt. Ze houdt het beeld hoog naïef en onschuldig te zijn. De lezer volgt Eva in haar warrige mijmeringen, die kaatsen tussen schaamte en vurige verlangens, en ontdekt dat het tegendeel waar is. Toch ziet Eva de zonzijde niet. Ze concludeert dat "het einddoel van alle wijsheid is het rustig tegemoetzien van de dood." (p. 222)

Eva (1927) van Carry van Bruggen is een tijdsbeeld van een zelfstandige joodse vrouw uit de gegoede burgerij tijdens het interbellum. Uit Eva blijkt dat Van Bruggen de literaire klassiekers kende en volgens de normen van de toonaangevende buitenlandse literatuur schreef. De norm die niet zoals tegenwoordig door de verkoopcijfers wordt bepaald, maar door literatuurcritici. En dat roept de discussie op over wat literatuur heden ten dage is. Vijftien jaar geleden bestempelde men Palmen en Hemmerechts nog als pulp, nu durven zichzelf respecterende critici aan types als Vuijsje met droge ogen een literatuurprijs te geven.

Een klassieker op z'n tijd plaatst het huidige literaire klimaat in een relatieve context. Ik ben benieuwd welke hedendaagse boeken de tand des tijds gaan overleven.