donderdag 3 september 2015

Wild. Cheryl Strayed

"Uncertain as I was I pushed forward, I felt right in my pushing, as if the effort itself meant something. That perhaps being amidst the undesecrated beauty of the wilderness meant I too could be undesecrated, regardless of what I'd lost or what had been taken from me, regardless of the regrettable things that had been done to me. Of all the things I'd been skeptical about, I didn't feel skeptical about this: the wilderness had a clarity that included me." (p. 143)

Deze zomer plande ik een fietstocht van zes dagen door Nederland, alleen. Tent, kookspullen, matje en slaapzak op de fiets, kop in de wind en gaan. Vooraf vroeg welhaast iedereen aan wie ik dat vertelde: "Alleen..? Vind je dat niet vreselijk éng?" 
Eén collega reageerde onverdeeld enthousiast en adviseerde me Wild van Cheryl Strayed in mijn fietstas te stoppen. Dat deed ik. In het Engels, zodat ik aan één boek tijdens mijn zesdaagse genoeg zou hebben. 

Cheryl Strayed verliest als ze begin twintig is haar moeder. Het moeizaam bijeen gehouden gezin valt uit elkaar en Strayed besluit te scheiden van haar fijne man, gebroken als ze is door het verlies van haar moeder. Ze stopt met haar opleiding en krijgt een verkeerd vriendje met wie ze heroïne spuit. Dan valt haar oog op een boek over de Pacific Crest Trail (PCT), een wandelpad van Mexico tot Canada door de wildernis. Ze besluit dat het roer om moet en de PCT te gaan lopen. 

Niet gehinderd door kennis van kaartlezen en lopen op kompas (dat boek over kompasgebruik zit ergens onder in haar rugzak, omdat ze er vooraf niet aan toe kwam het te lezen) en zonder enige outdoorervaring, gaat ze met een loodzware rugzak met fancy hikespullen op pad, alleen.

Strayed maakt in de eerste weken alle fouten die mogelijk zijn, tot haar eigen ergernis. Ze verdwaalt, loopt blessures op van haar te zware rugzak en te kleine schoenen, heeft geen idee hoe haar waterzuiveraar werkt en heeft de verkeerde brandstof in haar kooktoestel gedaan. Bij haar eerste stop in de bewoonde wereld geeft ze te veel geld uit waardoor ze de overige maanden nauwelijks nog wat te besteden heeft. Ze treft beren en slangen op haar pad, sneeuw, kou en hitte.

En ze treft mensen. PCT-hikers die haar helpen haar rugzak te verlichten, advies geven en de ontberingen delen. Vreemden die haar een lift geven, een diner aanbieden en een bed. Slechts een enkele keer komt ze mensen tegen die kwaad in de zin hebben.

In Wild neemt Cheryl Strayed de lezer mee op een schitterende tocht in de wildernis en in haar zoektocht naar haarzelf, haar afkomst en toekomst. Ze is ontwapenend en dapper en uiteindelijk ontzettend stoer.

Wild relativeerde mijn fietstocht door Nederland uiteraard. Ik was voorbereid en ervaren en nee, natuurlijk was ik niet bang. Onderweg trof ik vriendelijke andere vakantiefietsers. Eén van hen zei: "Nadat ik Wild gelezen had, wilde ik mijn rugzak pakken en die tocht gaan lopen." En dat begrijp ik nu.   

zondag 23 juni 2013

De laatkomer. Dimitri Verhulst

'Eén van de eerstkomende keren dat Moniek mij kwam bezoeken zou ze vaststellen dat ik alle, maar dan ook werkelijk alle foto's uit hun omlijsting had verwijderd en vervangen door prentjes die ik uit oude tijdschriften en advertenties had gescheurd. Waar eerder mijn echtgenote met handtas klemvast onder de oksel stond te pronken onder de Eiffeltoren, stak nu de afbeelding van een afgeprijsde proscuittoham, 1,99 voor 100 gram.' (p. 88)

Het boek dat ik lees, is afhankelijk van mijn stemming en omgeving. De komst van een kind - om een voorbeeld te noemen - was de afgelopen acht maanden allesbepalend voor de boeken die ik las. De biografie van George W. Bush die al een half jaar bijna uit is maar nog net niet helemaal, een aangevreten biografie van Dries van Agt, een banketbakkerskookboek dat ik drie weken lang voor het slapengaan spelde en verschillende boeken die ik dagenlang meenam in de trein zonder er een letter van te lezen. Daarnaast las ik heus nog wel de nieuwste Tommy Wieringa en een oneindige hoeveelheid voorleesboeken. Mijn leesvoorkeur is zogezegd wispelturig. Wat dan helpt, is vlak voor het instappen een boek kopen dat ik meteen in de trein ga lezen. Niet te dik, niet te moeilijk. 

De laatkomer van Dimitri Verhulst is het perfecte boek voor een paar uur niet te dik, niet te moeilijk en erg fijn. De 74-jarige Désiré is zijn vrouw zo zat dat hij besluit te doen alsof hij dementeert. Na wat fratsen belandt hij in het medisch circuit en slaagt hij voor de dementietest. Hij mag naar het verzorgingshuis, champagne! Terwijl zijn vrouw en kinderen al over hem praten alsof hij er geen notie meer van heeft, ontmoet hij in Home Winterlicht zijn allereerste liefde met wie hij nooit dorst te kussen. Zij is inmiddels zeer dement. 

De laatkomer is lichtvoetig en met heerlijke Vlaamse humor geschreven. De lezer beschouwt de wereld van dementerenden door de ogen van een personage die slechts doet alsof. Daarmee zorgt Verhulst dat het boek geen slapstick wordt ten koste van dementerenden, maar maakt hij soms pijnlijk duidelijk hoe onze maatschappij met demente mensen omgaat.  

vrijdag 5 oktober 2012

Het Akropolis Genootschap en de slag om bladzijde 37. Tosca Menten

'Jullie moeten het niet doen. Die club is gevaarlijk. Die brengt ongeluk, kijk maar naar je moeder. En die mensen in dat boekje ook. Die zijn allemaal expres duur verkleed, als vermomming. Het is een boevenclub.'
'Hoe kom je daar nu bij?' vroeg Luuk verbaasd.
'Omdat niemand er normaal zo uitziet. Die doen net alsof ze heel goed zijn, met die gekke regels, maar ze doen stiekem geheime dingen. En die hond in de bosjes hoort daarbij...' (p. 24)

Luuk Nootje en zijn ouders kunnen een kwart miljoen erven van een verre oom. Daarvoor moeten ze wel wat doen: zonder toelating tot het rare Akropolis Genootschap kunnen ze fluiten naar hun centen. Om een plek te krijgen op pagina 37 van het befaamde Rode Boekje, krijgen ze de opdracht om hun huis geel te schilderen, Vader Jacob kattrù mè op een pijporgel te spelen en een afgerichte krokodil te nemen als huisdier. Teun ziet het helemaal niet zitten omdat hij bang is zijn vriendje Luuk kwijt te raken en dan er is nog die vreemde mevrouw met een poedel... 

Het Akropolis Genootschap en de slag om bladzijde 37 van Tosca Menten is dit jaar het geschenk van de kinderboekenweek. Het verhaal zit leuk in elkaar en leest als een trein. Voor mij. Voortdurend vroeg ik me tijdens het lezen af voor welke doelgroep het boekje is geschreven. Luuk en Teun lijken vrij jong te zijn, in de basisschoolleeftijd, terwijl ik het taalgebruik, de lengte van de zinnen en complexiteit van het verhaal geschikt vind voor jongeren vanaf een jaar of dertien, veertien. Misschien heb ik het mis. En dat betekent dat ik weer 's wat jeugdliteratuur op mijn leesplank moet zetten. Daar heb ik na het lezen van dit boekje in elk geval veel zin in. 

dinsdag 25 september 2012

Doe eens normaal man. Kustaw Bessems en Dirk Jacob Nieuwboer

'Een politicus die de schijn wil ophouden dat hij sorry zegt, zonder echt verantwoordelijkheid te nemen, kan ook nog zijn toevlucht nemen tot de 'het spijt mij áls'-constructie. Die wordt vaak gebruikt als anderen druk uitoefenen om iets goed te maken, terwijl degene die in de fout is gegaan vindt dat hij helemaal niks verkeerd heeft gedaan. Met 'het spijt me als' kan de politicus vaak door die situaties heen glibberen.' (p. 105)

Boeken over het hedendaagse politieke klimaat in Nederland moet je warm van de pers lezen, vind ik. Dan hebben ze hun hoogste actualiteitsgehalte en haal ik de genoemde voorbeelden nog vers uit mijn geheugen. Ondanks mijn boekenaanschafstop kocht ik dus Doe eens normaal man van Kustaw Bessems en Dirk Jacob Nieuwboer. Heerlijk om tijdens de finale van de verkiezingscampagne voor de Tweede Kamer te lezen.

Bessems en Nieuwboer lichten in hun boek zeven merkwaardige automatismen uit de Haagse politiek die we eigenlijk normaal zijn gaan vinden. Maar is het normaal om voortdurend uitspraken bezijden de waarheid te doen en hoe moeilijk is het om een fout toe te geven? Waarom gaan politici zo raar praten als ze in de Kamer komen? Daarbij leggen de auteurs niet alleen het vreemde gedrag en de typische communicatie van politici bloot, maar geven ze aan het eind van elk hoofdstuk adviezen hoe het ook kan. 
Het aantrekkelijke van het boek is dat de auteurs hun voorbeelden helemaal uitrafelen, inclusief uitgebreide citaten van de politici zelf. Op die manier wordt het de lezer vanzelf duidelijk hoe vreemd uitspraken soms zijn.  

Doe eens normaal man is een aanrader als je met plezier politiek bedrijft of beschouwt en verplichte kost voor hen die ongemerkt meegaan in het vreemde Haagse gedrag.

maandag 24 september 2012

De pianoman. Bernlef


'De eerste drie jaar van zijn leven sprak Thomas Boender geen woord. Zijn vader Jelle en zijn moeder Tsjitske zeiden alleen het hoognodige tegen elkaar. Monosyllaben die tussen hun strakke lippen op de glimmend gepolitoerde eetkamertafel ploften, daar even bleven liggen om vervolgens in de opnieuw ingetreden stilte op te gaan.' (p. 5)

Voor het boekenweekgeschenk van 2008 mocht Bernlef zijn pen aanroeren. Hij koos een actueel thema uit het nieuws en baseerde daar De pianoman op.
Thomas Boender groeit op op het platteland in het noorden van Nederland. Zijn ouders spreken nauwelijks met hem en te veel woorden worden met klappen van zijn vader bestraft. Als Thomas achttien is en vijfhonderd euro heeft gespaard, besluit hij te vertrekken. Van de wereld geen weet, komt hij via Amsterdam en Parijs in Groot-Brittannië terecht. Zijn geld is inmiddels opgemaakt door het meisje met wie hij reist. Berooid en zonder paspoort wordt hij opgepakt door de politie en in een instelling geplaatst. Thomas besluit geen woord te zeggen en alleen wat piano te spelen. Niet briljant zoals de media beweren, maar opvallend genoeg om publiciteit te krijgen. Het duurt dan nog een hele poos voordat bij zijn oude omgeving doordringt dat Thomas  de pianoman is.

De pianoman is een typisch boekenweekgeschenk. Vlot geschreven, geen diepere lagen en een rond, beknopt verhaal. Bernlef heeft zich goed van zijn taak gekweten. 

zondag 19 augustus 2012

Solo. Roald Dahl

'Een leven bestaat uit een groot aantal kleine gebeurtenissen en een klein aantal grote. Een autobiografie moet dan ook erg selectief zijn om niet saai te worden: alle onbelangrijke voorvallen in een leven schrappen en zich concentreren op gebeurtenissen die in de herinnering blijven leven.' (p. 179)

Solo van Roald Dahl is het vervolg op zijn autobiografische boek Boy. In Solo vertelt Dahl over zijn jaren dat hij als jongeman voor Shell in Oost-Afrika werkte en zich meldde bij de RAF om piloot te worden tijdens de Tweede Wereldoorlog. Hij had er geen flauw benul van wat er zich in Europa afspeelde rondom de jodenvervolgingen en hoe kon hij het ook weten? Dahl bevond zich al jaren buiten Europa vocht in de lucht boven Oost-Afrika, het Midden-Oosten en Griekenland. 

Voor mij was het nieuw en indrukwekkend om te lezen hoe de Tweede Wereldoorlog zich in die gebieden voltrok. Dahl constateerde dat vele doden bij de RAF te wijten waren aan de slechte voorbereiding van de mankrachten. Hijzelf had dan weliswaar een vliegeniersopleiding van zes maanden gekregen, maar had geen kennis van luchtgevechtstechnieken en het toestel waarin hij uiteindelijk kwam te vliegen. Wonderwel overleefde Dahl zijn tijd bij de RAF en keerde hij in 1941 afgekeurd maar in goede conditie terug naar zijn familie in Engeland. 

woensdag 15 augustus 2012

Boy. Roald Dahl

'Wanneer je over jezelf schrijft moet je proberen de waarheid te vertellen. De waarheid is belangrijker dan bescheidenheid. Ik moet jullie daarom wel vertellen dat ik het was, en ik alleen, die op het grote gewaagde muizenplan gekomen is. Wij hebben allemaal onze momenten van glans en glorie en dit was het mijne. 
"Waarom," zei ik, "waarom stoppen we hem niet stiekem in een van mevrouw Pratchett's snoeppotten? Als ze er dan met haar smerige hand in gaat om een handje snoep te pakken, pakt ze in plaats daarvan een stinkende dode muis."
De andere vier staarden me verbluft aan.' (p. 40-41)

Goede autobiografieën zijn zeldzaam. Naast een boeiend leven, moet je ook de capaciteit hebben het goed en levendig op te schrijven. En dan nog is het een volwassene die terug kijkt op zijn leven met volwassen beschouwingen. Roald Dahl schrijft in Boy over zijn kinder- en jeugdjaren voor een jeugdig lezerspubliek. Daarbij kost het Dahl geen enkele moeite weer terug te gaan naar zijn herinneringen en taal als kind. Dat maakt deze autobiografie bijzonder en enorm leuk te lezen. 

Dahl - met Noorse ouders - groeit op in Engeland. Zijn moeder staat er na de vroege dood van zijn vader alleen voor en wil het beste voor haar kinderen. Dahl gaat daarom naar kostschool. Hij vindt de discipline en stokslagen verschrikkelijk, maar met vriendjes en sport zijn het mooie jaren. In de zomer gaat hij met het gezin op lange zomervakanties naar Noorwegen. Boy eindigt als hij direct na de middelbare school wordt aangenomen bij Shell en naar Oost-Afrika wordt uitgezonden. Boy leest als een heerlijk jongensboek. Op naar Solo, het vervolg.

vrijdag 3 augustus 2012

Heldere hemel. Tom Lanoye

Mijn boekenkast is drie bij twee meter en goed geordend. Eerst op thema, dan op auteur. Dat geeft overzicht, zou je zeggen. Tot ik vorige week de non-fictiesectie eens sorteerde op 'gelezen' en 'ongelezen'. Dat gaf inzicht. Ik ontdekte dat ik bijna drie planken Nederlandse en buitenlandse literatuur niet gelezen had en dat een heel aantal van die boeken toch al een jaar of tien in mijn kast stond.

Wat te doen? Geen boeken meer kopen of lenen totdat ik die drie planken doorgeworsteld had? Maar misschien heb ik ook wel eens een miskoop gedaan, een te blinde greep uit moeders boekenkast of een boek cadeau gekregen dat me zelfs na tien jaar niet aanspreekt. Toch doorworstelen van De Kapellekesbaan ('het beste boek uit de wereldliteratuur', zei mijn literatuurdocent op de universiteit) of De leeuw van Vlaanderen (verplichte kost en ik weigerde) tot het einde der tijden leek me geen goed plan. Dat zou accuut mijn leeslust bederven.

Aldus besloot ik flink op te ruimen. Boeken die ik niet meer ga lezen, verkoop ik, geef ik weg of gaan terug naar moeders boekenkast. En zo bleef er een mooi rijtje boeken over dat ik de komende tijd ga lezen.
Toen ik het kaf van het koren had gescheiden, viel me op dat ik vooral dunne boeken niet gelezen heb. De dikke winnen het blijkbaar met hun lokroep op de rug. Tijd om mijn boekenweekleesproject weer nieuw leven in te blazen.

Heldere hemel van Tom Lanoye is het boekenweekgeschenk van dit jaar. Lanoye gaat uit van een historisch gegeven en benadert dat vanuit verschillende perspectieven. De Poolse piloot Andrej besluit zich na een technisch mankement met de schietstoel uit het vliegtuig te schieten en het vliegtuig te laten gaan. Tot de brandstof op is en hopelijk is dat boven een zee. De Koude Oorlog woedt nog en in het Navo-hoofdkwartier in Brussel ziet men op de radar een vliegtuig recht op zich afkomen. Intussen voltrekt zich in een klein Belgisch dorp een huwelijkscrisis.

Heldere hemel is in zijn vorm een goed geschreven verhaal. Uitdiepen van verhaallijnen lukt niet binnen 90 pagina's en Lanoye pretendeert (gelukkig) niet meer dan hij waar kan maken. Goede schrijver, toegankelijk boekenweekgeschenk. Precies wat het brede publiek ervan mag verwachten.

woensdag 18 juli 2012

De intrede van Christus in Brussel. Dimitri Verhulst



‘Eén discussiepunt kon alleszins snel worden afgerond: wie de ambitie had Jezus Christus te chaperonneren gedurende Diens verblijf in deze stad moest Zijn taal beheersen! (…) De leden van het comité zaten net aan de mousse au chocolat (herkenden zij daar niet een lichte ondertoon cognac?) en keken elkander aan. Aramees? Iemand? Dat zou ten zeerste de verbazing hebben gewekt. Op een paar krokant geworden bijbelrollen na was het Aramees zo goed als volledig van de wereld geveegd.’ (p. 62-64)

Het is wereldkundig gemaakt: Christus zal zijn intrede doen in Brussel! De hele stad transformeert zich in een vrome gemeenschap waar iedereen vriendelijk tegen elkaar is, de bloembakken gevuld worden en buren ineens bij elkaar gaan eten. De notabelen van het land dringen zich op om Christus persoonlijk te mogen ontvangen en uit de terugkeergevangenis voor asielzoekers wordt het meisje Ohanna gehaald om te tolken voor Christus. Van verguisd en afgedankt is ze ineens het belangrijkste meisje van de stad. En dan breekt de grote dag aan.

De intrede van Christus in Brussel (in het jaar 2000 en oneffen ongeveer) van Dimitri Verhulst is een scherpe blik op de hedendaagse maatschappij, ons individualisme en opportunisme. Het boek houdt de vaart erin, wat het ook vluchtig en soms rommelig maakt. Uiteindelijk is de balans goed en het verhaal rond, zonder losse eindjes. Ik las het met plezier, maar vermoed dat het niet te lang blijft hangen. 

zondag 1 juli 2012

Het jaar dat ik (2x) moeder werd. Aaf Brandt Corstius

'Eén ding moest ik zeker hebben, en dat was een kinderwagen. (...) In de Prénatal was een parcours gebouwd waar je met verschillende kinderwagens overheen kon denderen. Het was all terrain, voor het geval je zou besluiten je in het regenwoud of Noordoost-Groningen terug te trekken met man en baby. Je kon er over scherpe stenen heen hobbelen, over vierkante plavuizen en over een grillige ondergrond van ronde houten balken. Dat laatste leek me iets wat je alleen zou aantreffen in een Indiana Jones-film, bij zo'n slappe houten loopbrug waar Indiana altijd doorheen zakt en in een poel met krokodillen terechtkomt. Maar je weet het nooit.' (p. 88-89)

Ik ben een stoere vrouw en lees geen boeken van celebs die een kind - of twee - hebben gebaard. Eh... hmm. Dacht ik. Goed. Ik beken het maar: nee, ik lees niet alleen hoogstaande literatuur en ja, ik heb smakelijk gelachen om Het jaar dat ik (2x) moeder werd van Aaf Brandt Corstius.

In Het jaar dat ik (2x) moeder werd schrijft Brandt Corstius over de periode van ruim een jaar waarin ze twee kinderen kreeg. De alledaagse dilemma's tijdens en vlak na haar zwangerschappen beschrijft ze vrolijk naïef, lichtvoetig en zeer herkenbaar. Wil ik nog wel werken, krijg ik mijn figuur nog ooit terug en ben ik echt een slechte moeder als ik niet alle babyprakjes biologisch verantwoord zelf maak? Het hoofdstuk over de kinderwagens las ik daags na mijn eigen kinderwagenoerwoudconfrontatie en het Hema-hormoon bestaat gewoon, dat weet ik zeker. 

Ik heb respect voor vrouwen die lak hebben aan alle strenge carrièrevrouwen en overtuigde huismoeders en hun pad bewandelen dat in een nieuwe levensfase het beste bij hen past. Als je daar zonder schaamte nog vrolijk over kunt schrijven, heb ik geen reden te ontkennen dat ik dat graag lees.